Persmededeling van RookVrij vzw (10 mei 2005)
De tabaksindustrie spreekt alleen
voor eigen winkel
Er is geen vraag naar rook in de
horeca...
Vanuit een bevraging naar de mening over roken op café leidt de
tabaksindustrie af dat de horeca faillissementen en ontslagen te wachten staan.
De tabaksindustrie heeft er een gewoonte van gemaakt om, telkens in een
land het debat over rookvrije horeca gelanceerd wordt, naar buiten te komen met
dit soort angstscenario's.
In interne documenten heeft de tabaksindustrie zelf reeds
lang toegegeven dat dit soort schrikscenario's nergens op gebaseerd zijn.
De
tabaksindustrie spreekt alleen voor eigen winkel
De belangen van de horeca en de tabaksindustrie lopen niet samen.
Buitenlandse voorbeelden tonen aan dat het uiteindelijk alleen de
tabaksindustrie is die belang heeft bij roken in horeca. Elke niet gerookte
sigaret is er een
minder die verkocht wordt.
Vroegere onderzoeken hebben aangetoond dat een ruime meerderheid van
rokers wil stoppen met roken. De tabaksindustrie weet best dat rookvrije
sociale
gelegenheden belangrijke stimulansen
zijn om deze wens om te zetten in daden en effectief te stoppen met roken.
De horeca moet
in juni 2006 rookvrij worden en wel om drie redenen:
• Gezondheid
Passief roken is schadelijk voor de gezondheid. Het is een bewezen
oorzaak van longkanker en hartaanvallen en een uitlokker van astma-aanvallen.
Vanuit deze medische gegevens kan de minister van volksgezondheid maar
één juiste beslissing nemen: de volledige horeca zo snel mogelijk rookvrij
maken. Zijn collega's in
Noorwegen, Ierland, Malta en Italië en hebben de stap reeds
gezet. Zweden volgt op 1 juni.
• Comfort en
gastvrijheid
Tabaksrook is een aantasting van het leefcomfort:
- irritatie van oog, keel of neus, stankhinder, stank die in lijf en
kleren kruipt, leidt tot vermijdingsgedrag.
- voor personen met ernstige ademhalingsproblemen is tabaksrook een
drempel voor sociale integratie. Een gezellig avondje uit kan voor sommigen
verschillende dagen ziektesymptomen
betekenen. Voor sommigen biedt medicatie soelaas, voor anderen rest er slechts
sociaal isolement.
De horeca beroept zich op gastvrijheid. Ze moet echter weten wat ze wil:
gastvrij haar deuren openen voor iedereen of volharden in het uitsluiten en
wegjagen
van mogelijke klanten.
De asbakken en de rokers buiten aan de Ierse pubs tonen aan dat de
rookvrije gelegenheden de rokers blijven aantrekken.
• Rookvrije
werkplek
Zowel klanten als personeel zijn blootgesteld aan de gezondheidsrisico's
van passief roken.
De werknemers van de horeca zijn de enigen die in 2006 niet dezelfde
wettelijke bescherming krijgen als in de andere sectoren.
Het zaalpersoneel in de horeca heeft dikwijls een lage opleiding. Hiertoe
behoren ook personen die dicht bij huis een aantal uren per week gaan opdienen
om
de eindjes aan elkaar te knopen. Van die sociale
situatie mag geen misbruik gemaakt worden om die groep te "dwingen"
werk in tabaksrook te aanvaarden.
Ook zij hebben recht op een gezonde werkplek.
Er is geen vraag naar rook in de horeca…
Rokers vernoemen als grootste nadeel van het roken de stank van
tabaksrook die in de kleren blijft hangen.
Keer de huidige situatie gewoon om en maak de horeca rookvrij.
Niemand zal klagen over een gelegenheid die rookvrij is.
Klachten als "mijn haar stonk niet",
"mijn kleren stonken niet", "mijn ogen pikten niet",
"mijn neus en longen raakten niet geïrriteerd" zullen niet gehoord
worden.
Dat is ook les die men moet halen uit de bevraging in Ierland na één jaar
rookvrije horeca: meer dan 9 op 10 Ieren waaronder 80% van de rokers is
tevreden
over de rookvrije horeca.
De
vertegenwoordigers van de horeca moeten hun eigen belang durven zien en
ophouden om zich verder aan het handje te laten leiden door de tabaksindustrie.
RookVrij roept de horeca op om zich
consequent aan de zijde van de gezondheid te plaatsen en
zich te profileren als een gezonde en gastvrije sector.